Commissie Duurzaamheidsvraagstukken Biomassa

Sitemap  |  Index  |  Disclaimer    NL  |  EN   

Adviezen

Maak biomassaketens deel van de oplossing!

Het advies Maak biomassaketens deel van de oplossing!  is gezamenlijk opgesteld door de Commissie Duurzaamheids-vraagstukken Biomassa (Commissie Corbey) en het Platform Groene Grondstoffen. Het bouwt voort op een eerder advies van de Commissie Corbey van november 2009, Maak landbouw deel van de oplossing!

 

Hieronder vindt u de brief aan de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu waarbij het advies is aangeboden. Het advies zelf kunt u downloaden via de link rechtsboven aan deze pagina.

 

 

28 oktober 2010

 

 

Geachte heer Atsma,

 

Hierbij bieden wij u ons advies aan over de indirecte effecten van biobrandstoffen: Maak biomassaketens deel van de oplossing! Dit advies is een gezamenlijk product van de Commissie Duurzaamheidvraagstukken Biomassa (Commissie Corbey) en het Platform Groene Grondstoffen. In de bijlage vindt u informatie over de Commissie Corbey en het Platform. Dit advies bouwt voort op een eerder advies van de Commissie Corbey,  Maak landbouw deel van de oplossing! Dit advies is tevens bijgesloten.

 

Aanleiding voor een nieuw advies over indirecte effecten van het gebruik van biobrandstoffen is de consultatieronde die de Europese Commissie hier momenteel over houdt. De directe effecten van veranderingen in landgebruik kunnen vrij eenvoudig berekend worden. Indirecte effecten (indirect land use change, ILUC) treden op wanneer energiegewassen geteeld worden op gronden waarop daarvoor voedsel werd verbouwd. Zolang de vraag naar voedsel niet vermindert, moet aangenomen worden dat dit voedsel elders geproduceerd gaat worden. Dat brengt ontginning van nieuwe landbouwgronden en uitstoot van broeikasgassen met zich mee. Wetenschappers hebben het laatste jaar hard gewerkt aan modellen om deze indirecte effecten te kunnen inschatten. Die blijken aanzienlijk te zijn.

 

De Commissie Corbey en het Platform Groene Grondstoffen zijn van mening dat indirecte effecten voluit moeten meewegen in de berekening van de broeikasgasbalans. Er is dus een realistische ILUC-factor nodig, waarbij door middel van overgangstermijnen producenten geholpen kunnen worden om hun productiewijze aan te passen. Zonder garantie van een duurzame inzet van biomassa, kan een bio-economie niet succesvol zijn.

Ten eerste kan het niet zo zijn dat indirecte gevolgen van het overheidsbeleid onder het tapijt worden geveegd, er is een eerlijke berekening van effecten nodig.

Ten tweede is het van belang voor ondernemers, handelaren en toezichthouders dat de overheid een duidelijk beeld schetst van het gewenste beleid en de weg (via overgangstermijnen) daar naar toe.

Ten derde zijn wij van mening dat een goed beleid door de hele keten heen efficiëntie kan bevorderen. Dat stelt Nederland voor uitdagingen, maar het brengt zeker ook grote kansen voor innovatieve ondernemers. Efficiëntieverbeteringen in de keten die leiden tot minder landgebruik moeten toegerekend kunnen worden aan de biobrandstoffen. Dit is een stimulans om verspilling tegen te gaan, alle reststromen te benutten én te werken aan efficiëntie. Daarbij moeten dubbeltellingen uiteraard vermeden worden.

 

Als Europa een goed  beleid zaait, zal het duurzaamheid en efficiëntie oogsten. Wij realiseren ons dat de Nederlandse regering al een input in de Europese consultatieronde heeft gegeven. Wij denken echter dat onze suggestie om de hele keten prikkels te geven om tot meer efficiëntie te komen een bijdrage levert aan het Europese debat. Bovendien past dit uitstekend bij de ambitie van Nederland om het voortouw te nemen in de bio-economie.

 

Uiteraard zijn wij graag bereid dit advies en onze zienswijze nader toe te lichten.

 

Hoogachtend,

 

Dorette Corbey

Voorzitter Commissie Duurzaamheidvraagstukken Biomassa

 

 

Ton Runneboom

Voorzitter Platform Groene Grondstoffen